Frits Prakke

Posts Tagged ‘kleinschaligheid’

Kernenergie na Fukushima

In Technisch Weekblad on maandag, maart 14, 2011 at 12:35

Ik ben een kind van de alternatieve energiebeweging. Het schrikbeeld van de honderd destijds geplande kerncentrales langs de Rijn, die dan kokend van al dat koelwater bij Lobith ons land binnen zou stromen, wakkerde mijn belangstelling aan voor slimmere en vooral kleinschaliger technologie. Onze angst werd bevestigd door de rampen bij Harrisburg en Tsjernobyl. Onze hoop werd bevestigd door de ontwikkeling van de micro-elektronica als energiezuinige alternatieve drager van de economische ontwikkeling. De menselijke maat en kleinschalig ondernemerschap kregen nieuwe kansen. Sindsdien zijn er in de gehele wereld nauwelijks nieuwe kerncentrales in bedrijf genomen. Vooraanstaande economen zien “Small Knowledge Intensive Enterprises” als drager van het economisch herstel na de kredietcrisis. De atoomramp deze week bij Fukushima lijkt het einde van de kernenergie.

Het is daarom met enige schroom dat ik hier een pleidooi ga houden voor de Nederlandse deelname aan een plan van de Obama regering voor de ontwikkeling en bouw van een nieuwe generatie kernreactoren. (Dit zou mij wel eens een aantal lidmaatschappen kunnen kosten.) Het plan betreft de certificatie en bouw van een serie kleine, goedkope, modulaire kernreactoren. De capaciteit zou 5 % bedragen van conventionele, ongeveer $ 10 miljard kostende kernreactoren, zoals deze nu op de tekentafel liggen. De lagere kosten, vanaf een paar honderd miljoen dollar per stuk, worden mogelijk door de modulaire bouw in series in een moderne fabriek. Vervolgens worden de modules, ter grootte van een container, verscheept naar de gewenste locatie. Het kleinschalige bouwen van series van reactoren maakt toekomstige kostendaling door leereffecten en concurrentie mogelijk. Een van de potentiële producenten is het bedrijf Babcock & Wilson, dat een modulaire reactor aanbiedt onder de naam mPower. Dit is een opschaling van een bewezen ontwerp van een reactor voor nucleaire onderzeeërs. NuScale biedt een ontwerp aan van Oregon State University.

De kern van het idee voor kleinschalige atoomreactoren ligt in het doorbreken van de vicieuze cirkel van toenemende schaalgrootte en de resulterende exponentieel toenemende complexiteit, risico’s en kosten per kilowatt uur. De laatste decennia hebben we een spectaculaire daling gezien in de optimale schaalgrootte en kosten van complexe technologische producties zoals hoogovens, computers, grafische producten en auto’s. Woonwijken en kantoren komen tegenwoordig in onderdelen uit fabrieken, om goedkoop in situ te worden geassembleerd. Al deze principes zouden ook toegepast kunnen worden op kleinschalige kernreactoren. Door af te zien van de grootschalige monsters van 1.000 tot 1.500 megawatt daalt ook de kwetsbaarheid voor onzekere markten. De modulaire reactor van Obama zou op tijd komen om de grote aantallen gelijkgrote, zeer vervuilende, kolencentrales uit de jaren vijftig en zestig te vervangen. De kostbare infrastructuur ligt er dan al.
Concluderend, mijn afkeer van grootschaligheid is groter dan mijn angst voor atoomenergie, zelfs in deze week van Fukushima. En al die lidmaatschappen.

Advertenties

Eco-feedback technologie

In Technisch Weekblad on maandag, november 8, 2010 at 22:17

Het is één van de misvattingen van onze tijd dat grote problemen grootschalige oplossingen dicteren. Neem ons immense energieverbruik. Dat maakt ons in de aanvoer afhankelijk van onfrisse regimes in verre landen en vergiftigt in het gebruik onze atmosfeer met CO2. Dat is onmiskenbaar een groot probleem. De oplossing wordt gezocht in complexe en miljarden euro’s kostende systemen zoals CO2 opslag onder woonwijken, het voor de burger niet te bevatten rekeningrijden, megalomane windmolenparken op zee en sinds kort zelfs weer de bouw van nieuwe kerncentrales. Hier is een technocratische rationaliteit ontstaan die een wig drijft tussen overheid en burger. Het is ook niet goed voor het publieke vertrouwen in de ingenieurs.

Het blijkt dat er alternatieven zijn die niet minder innovatief zijn, maar wel minder complex en grootschalig. Dat is het werkterrein van het laboratorium voor Persuasive Technology aan de Stanford Universiteit in de VS. Hier wordt gewerkt aan innovaties voor een duurzame samenleving die niet als uitgangspunt het technische systeem hebben, maar de menselijke keuze. Niet de homo economicus maar de homo ludens wordt aangesproken. Eco-terugkoppeling en sociale netwerken zijn daarbij de sleutels. OPOWER is een voorbeeld van een apparaatje dat momenteel al geleverd wordt. Dit berekent voor de consument niet alleen zijn maandelijkse energieverbruik in KW elektriciteit en m3 gas, maar vergelijkt dit ook in mooie grafieken met het gemiddelde verbruik van de naaste buren in de straat. De afrekeningen verschijnen online, op een mobieltje, of op een aantrekkelijke klok voor in de huiskamer. Wie die maand zuinig is geweest verdient daarbij een ☺. Anderhalf miljoen mensen maken al gebruik van dit OPOWER en 60 tot 80 procent daarvan hebben volgens het bedrijf bezuinigd op hun energieverbruik. Hoeveel windmolens op zee zou het kosten om dat resultaat te evenaren?

De hoge kosten van de gezondheidszorg worden bestreden door GlowCaps. Dat is een deksel op een pillenflesje dat gaat oplichten als het tijd is voor de alleenwonende bejaarde om zijn pillen te nemen. Via WiFi wordt het gebruik vervolgens gemeld aan de thuiszorg of de familie. Ook zijn er weegschalen ontworpen die via WiFi de dagelijkse uitslagen melden aan de vriendinnenclub. Niet voor iedereen misschien. Maar altijd op basis van de eigen keuze.

Nieuw in de VS is een scherm op het dashboard dat continue het verbruik per km berekent en vertoont. Dat doet mijn Franse auto al jaren. Als ik gas geef schiet het verbruik per 100 km omhoog van 7 naar 15 liter. Dat is altijd aanleiding tot een levendige discussie met mijn sociale netwerk op de achterbank. In de Amerikaanse versie van deze eco-terugkoppeling wordt op het dashboard een groene plant vertoond die afhankelijk van de rijstijl opbloeit of ineen schrompelt.