energiebeleid, industriebeleid, Technologieverkenning
In Technisch Weekblad on zondag, maart 28, 2010 at 17:12
Een jongen was je ….. maar een domme jongen. Was het de adolescente overmoed? Had je niet opgelet op school? Nee, juist omdat je zo netjes geleerd had en naar Nederland was teruggekomen met aanbevelingen van de beste professoren ter wereld werd jij in de jaren tachtig gevraagd om strategisch verkenner te worden. Diverse adviescommissies van de regering wilden allemaal verkenningen van de toekomst. En jij voelde je gevleid. Ik schrijf aan jou, mijn jonge ik, nu meer dan twintig jaar later, een brief op verzoek van de CPNB in het kader van het Boekenweekthema : “Jong zijn in de wereld van innovatie”.
Wat wist jij het allemaal zeker in de jaren tachtig. Jij en de andere titaantjes, want toegegeven, ook toen sprak iedereen elkaar na. Jullie wisten zeker dat kernenergie na de vreselijke ongelukken met de reactoren op Three Mile Island en in Tsjernobyl een doodlopend pad was. De prijs van ruwe olie bleef door innovatie twintig jaar lang zeer laag, precies zoals jij dat voorspelde op basis van vertrouwen in de markt. Dat was precies in overeenstemming met de colleges economie. Jammer dat jij er kennelijk even niet bij was toen het leerstuk werd behandeld dat de economische wetenschap wel naar achteren maar niet naar voren kan kijken. Zullen we zeggen dat je tijdens dat college in de kroeg zat met de economiestudenten die later bankier op Wall Street zouden worden?
Je zult versteld staan dat de prijs van ruwe olie ondanks de economische crisis zich nu al enige tijd tussen $ 80 en $ 150 per vat beweegt en dat alternatieve-energie titaantje Wouter van Dieren tegenwoordig pleitbezorger is van de bouw van nieuwe kerncentrales, zei het hele kleine. Wat moet Herman Damveld van Technisch Weekblad daarvan vinden?
Als technologieverkenner wist jij in de jaren tachtig ook zeker dat Europese industriële bedrijven de innovatiestrijd met Japan zouden verliezen. Net als andere toekomstverkenners heb je de impact van het Internet en van China gemist. Het debâcle met de gesubsidieerde kolengravers van RSV betekende voor jou het einde van industriepolitiek in Nederland. Philips zou in 1985 als going concern nul waarde hebben gehad. Logisch dat het Nederlandse industriële erfgoed in de vorm van Akzo-vezels, Fokker, Hoogovens en DAF Trucks aan de hoogste buitenlandse bieder – voor weing – van de hand werd gedaan. Het zal je verbazen, en de nodige bescheidenheid bijbrengen, te horen dat dit jaar de regering weer € 50 miljoen subsidie heeft verleend voor een herstart van Fokker. Grootvader’s Spijker heeft met € 450 miljoen subsidie het Zweedse Saab gekocht. Na dertig jaar is de Amerikaanse industrie nog steeds de meest innovatieve. Nederland handhaaft zich. En, o ja, met Japan gaat het niet zo goed, zelfs niet met het door jou zo geprezen Toyota.
energiebeleid, geo engineering, geoengineering
In Technisch Weekblad on maandag, november 12, 2007 at 23:09
Is nu de tijd gekomen om in de strijd tegen de opwarming van de aarde ook geoengineering oplossingen af te wegen? Er is een bijna wereldwijde consensus dat de moderne technologie – in het bijzonder onze grootschalige energiehuishouding – de oorzaak is van de toename van broeikasgassen en daardoor van een gevaarlijke opwarming van de aarde. Alom horen we politici tevredenheid uitspreken over het feit dat klimaatsverandering nu “op de politieke agenda” staat.
Maar ik zie het debat in Nederland over energiebesparing, hoe belangrijk ook, niet snel leiden tot werkelijk ingrijpende maatregelen op de schaal die nodig is om onze bijdrage aan de opwarming van de aarde terug te brengen. Teveel tegengestelde belangen zijn op de groene wagen gesprongen. Zelfs als de prijzenswaardige targets van onze regering, zoals de dertig procent reductie van broeikasgassen in 2020, gehaald worden, resulteert dit niet in een belangrijke vermindering van de opwarming van de aarde in de komende eeuw. Gezien de economische ontwikkelingen in China en India ligt een oplossing via energiebesparing mondiaal niet in het verschiet. Het probleem is van een geheel andere orde van grootte dan de tot heden aangereikte oplossingen.
Toch biedt de bereikte wereldwijde consensus een belangrijk nieuw perspectief. Door niet langer te ontkennen dat de moderne technologie de boosdoener is komt de weg vrij voor een discussie over technologische oplossingen. Nog in de jaren tachtig legde president Reagan de schuld van broeikasgassen bij de winderigheid van de dieren in het veld. Tot voor kort duidden sceptici de zonnecyclus als oorzaak van de opwarming van de aarde. Technologisch ingrijpen was dus zinloos. Maar die tijd is nu voorbij.
Omdat technologen niet langer overwegend tot het kamp van de ontkenners van de opwarming van de aarde kunnen worden gerekend zijn hun oplossingen niet langer verdacht. Geoengineering wordt bespreekbaar. Voorbeelden: het lanceren van koelende aërosolen in de dampkring (een nabootsing van het koelende effect van vulkaanuitbarstingen), spiegels in een baan om de aarde brengen om het zonlicht te weerkaatsen, ijzerdeeltjes strooien in de zuidelijke oceanen om de algengroei – en CO2 opname – te bevorderen. De American Academy of Arts and Sciences hield daarover afgelopen week een tweedaags congres in Cambridge. De organisator David Keith stelt dat een serieuze discussie over technologische oplossingen voor de opwarming slechts mogelijk is door de recente consensus over de oorzaken. Daarvóór was geoengineering onder wetenschappers een taboe.
Dat betekent een revolutionaire nieuwe kijk op de verhouding tussen de aarde en de mens. De aarde is niet langer van God, maar van de mens. Wij beschouwen de aarde niet langer als ongerepte natuur, maar als een tuin waarin de mens de eindverantwoordelijkheid neemt voor de noodzakelijke evenwichten.
Nog steeds dreigt een climate fix, een technische schijnoplossing waar iedereen achteraan holt. Zeer grote voorzichtigheid is geboden. Zo kunnen aërosolen in de dampkring de ozonlaag vernietigen. Ook kan een fix de bereikte politieke consensus over duurzaamheid doen afbrokkelen. Maar voor het geval de duurzaamheidtargets van onze regering voor 2020 niet gehaald worden, lijkt het me wijs om nu alvast zonder taboes een discussie over technologische oplossingen van de opwarming van de aarde te voeren.